Monumentendag 2010
Het nationale thema van deze monumenten(week):
"De smaak van de 19e eeuw"

Activiteiten op 11 en 12 september 2010
De werkgroep Kerk In De Stad van de Raad van Kerken Enkhuizen is verheugd weer een mooi programma te kunnen aanbieden voor 11 en 12 september. Op zondag 12 september zijn de overige monumenten in Enkhuizen gesloten, maar de Raad van Kerken vindt het belangrijk dat de kerken ook op zondag de deuren gastvrij openzetten, juist voor hen die vergeefs bij de andere monumenten aankloppen.
Het is de moeite waard, ook voor u die de kerken misschien al zo vaak van binnen gezien hebt, om op één van die dagen even binnen te wippen, want de werkgroep heeft naast de oude beproefde activiteiten een aantal nieuwe publiekstrekkers bedacht.
Zo is er op zaterdag in de Vermaning met haar bijzondere akoestiek, muziek uit de 19e eeuw te beluisteren, verzorgd door Pieter Nannes Groot van de gitaarsalon.
In de Lutherse kerk is de wereldwinkel aanwezig met producten uit de derde wereld en natuurlijk de Max Havelaarkoffie. Neemt u gerust even de tijd, want er is een prachtige beamerpresentatie te bekijken over de Max Havelaar van Multatuli.
In enkele andere kerken zijn er eveneens beamerpresentaties van zijn hand te zien over de geschiedenis en de kerkgeschiedenis met uiteraard ook aandacht voor de (kerk)geschiedenis van Enkhuizen.
En mocht u op vorige monumentendagen de rondleiding bij de plafondschilderingen in de Zuiderkerk door ds. Otten gemist hebben, geen nood, want ds. Otten is wel vertrokken maar de plafondschilderingen zijn achtergebleven en mevrouw Gerda van der Herberg-Wierda is bereid gevonden om deze taak van haar over te nemen.
Ook organiseert de werkgroep dit jaar weer een Emmaüswandeling vanuit de Ontmoetingskerk. Na een kort meditatief moment gaan de deelnemers twee aan twee op pad voor een wandeling van ruim een uur langs een rustige route. Tevoren worden er enkele mogelijke gespreksthema’s aangereikt. Al wandelend en sprekend met elkaar kan het gebeuren dat je opeens zomaar met elkaar praat over wezenlijke dingen, word je geraakt door het verhaal van de ander. Waarom de naam Emmaüs-wandeling? Wel, waar twee mensen samen op weg gaan, daar wandelt ongemerkt een Derde mee. Voor hen die eerder meewandelden was het een bijzondere ervaring. Het is de moeite waard om het ook eens te proberen.
Om half vijf is er als afsluiting van de monumentendagen een oecumenische vesper waaraan de cantorij van de Protestantse gemeente o.l.v. Hannie Wagter meewerkt en waarin ondergetekende hoopt voor te gaan.
Uiteraard hopen we velen van u te mogen ontmoeten tijdens deze dagen. Naast openheid en gastvrijheid naar toeristen en andere vreemdelingen toe, is het ook een uitgelezen gelegenheid om elkaar te ontmoeten als leden van één van de kerken behorend bij de Raad van Kerken Enkhuizen.
Ds. Anne-Marie van Zijverden-Poortman
In alle kerken kunt u "proeven" van de 'Smaak van de 19e eeuw',
er is 'Max Havelaar koffie en een plakje 'Broeder".
Is de Broeder in de smaak gevallen? Hier een recept van mw. A. Langendijk-Mens

Zoals gebruikelijk organiseert de werkgroep K.I.D.S. ook voor deze monumentendag een reeks van activiteiten.
Een korte beschrijving van het wel en wee van deze periode volgt hierna:.
De smaak van de 19e eeuw,
flauw of juist pittig? - I -
Ook dit jaar is de werkgroep Kerk In De Stad druk doende plannen te maken voor de open monumentendagen op 11 en 12 september. Het landelijk thema voor deze dagen is: "De smaak van de 19e eeuw." Wij sluiten ons als Enkhuizer kerken graag bij dat thema aan, want de 19e eeuw is bepaald niet smaakloos.
Lange tijd werd de 19e eeuw gezien als saai en burgerlijk, een tijd waarin weinig gebeurde. In de laatste jaren is er meer aandacht voor die periode en heeft men ontdekt dat er juist heel veel gebeurd is, wat tot op heden invloed heeft. Zo kwam, nog in de Franse tijd, de scheiding tussen kerk en staat tot stand. In de 18e eeuw was de band tussen de hervormde kerk en de overheid heel nauw. De stadsregering had een grote vinger in de pap bij het beroepen van predikanten en omgekeerd bekleedden kerkbestuurders vaak overheidsambten of waren zij regent van een wees- of armenhuis. Niet voor niets werd de hervormde kerk "de heersende kerk" genoemd. Aan deze bevoorrechte positie kwam definitief een eind in de 19e eeuw. Van die tijd af mochten ook rooms-katholieken openbare ambten bekleden. Halverwege de 19e eeuw werd de bisschoppelijke hiërarchie hersteld en kon het kerkelijk leven van de Rooms-katholieken tot bloei komen. Er werden er fraaie kerken gebouwd, o.a. door de architect Cuypers.
Aan de protestantse kant ontstond omstreeks 1825 het zogenaamde Réveil, een beweging die opriep tot een meer persoonlijk beleefd geloof, maar ook heel praktisch maatschappelijk gericht was. Zo stichtte ds. Heldring in Zetten en Hoenderlo inrichtingen voor verwaarloosde jeugd.
In 1834 vond de 'Afscheiding' plaats in Ulrum, waar De Cock predikant was. In 1854 stichtten de Afgescheidenen een theologische school in Kampen. Vanaf 1869 voegden ze zich samen met enkele andere groeperingen tot de 'christelijke gereformeerde kerk'.
In de 80er jaren ontstonden er conflicten in de hervormde kerk in Amsterdam, waar Abraham Kuyper predikant was. Dit liep in 1886 uit op de Doleantie, het vertrek van vele gemeenten uit de Hervormde kerk. In 1892 ging een deel van de christelijk gereformeerden samen met de dolerenden. Zo ontstonden de 'Gereformeerde kerken in Nederland'.
Abraham Kuyper kon zijn ideeën kwijt in het weekblad 'De Heraut' en het dagblad 'De Standaard'. Hij werd lid van het parlement en stichtte in 1878 de Vrije Universiteit.
Kerkelijk gezien is de 19e eeuw een veelbewogen eeuw geweest. Er zou veel meer over te vertellen zijn, want er waren ook oud-katholieken, remonstranten, doopsgezinden enz. enz. .
De smaak van de 19e eeuw, flauw of juist pittig? - II -
Zoals uit het vorige artikeltje over het kerkelijk leven in de 19e eeuw bleek, was de smaak van de 19e behoorlijk pittig. Ook op economisch en politiek gebied was dit het geval.
Na de nederlaag van Napoleon in 1814 brak een nieuw tijdperk aan voor ons land. Nederland werd verenigd met België tot het ‘Koninkrijk der Nederlanden’ onder koning Willem I, die als koning veel macht kreeg. De samenvoeging was geen lang leven beschoren. Tijdens de hele periode van de vereniging waren er grieven tussen Noord en Zuid, met name over het punt van de godsdienst. In 1816 was ‘Het Algemeen Reglement voor het bestuur der Hervormde Kerk’ tot stand gekomen. De staat verwachtte van de kerk: “Zorg voor het christendom in het algemeen en voor de eigen kerkgemeenschap in het bijzonder, handhaving van de christelijke zeden, bewaring van orde en eendracht en aankweking van liefde voor koning en vaderland.” Ditzelfde verlangde de staat van de katholieke kerk. Het lukte koning Willem I echter niet om in overleg met Rome een kerkelijke organisatie voor heel het land in te voeren. Evenmin slaagde hij er in om van Noord en Zuid een economische eenheid te maken. Het accent bleef liggen op Noord Nederland. In 1830 kwam het in Brussel, waar de bevolking leed door duurte en voedselschaarste, tot een uitbarsting. De Juli-revolutie die in hetzelfde jaar uitbrak in Frankrijk, verhoogde de politieke onrust. De koning riep het Noorden te wapen en Antwerpen werd gebombardeerd. De zogenaamde Tiendaagse veldtocht van 1831 leidde tot een definitieve scheuring van het koninkrijk. Nu moest uiteraard de grondwet worden herzien. De koning moest uiteindelijk toegeven aan de eis dat in de nieuwe grondwet de ministers, zij het een beperkte, verantwoordelijkheid kregen. Dit was voor de koning onverteerbaar. Het wekte grote beroering toen in 1840 bekend werd dat hij een huwelijk wilde sluiten met de Belgische katholieke gravin Henriëtte d’Oultremont, in de volksmond verbasterd tot Jetje Dondermond. Hierop besloot Willem I af te treden. Zijn regering eindigde te midden van een vrij algemene ontevredenheid. Er heerste in die tijd onrust onder de bevolking omdat de sociale nood tot grote hoogte gestegen was. In de jaren 1840 – ‘45 mislukten de graanoogst en de aardappeloogst. In de steden stierven velen als gevolg van ondervoeding. Gedurende de lange hete zomer van 1847 braken koortsen uit in sommige streken van het land, waarschijnlijk als gevolg van malaria. Tenslotte brak er na een zeer strenge winter een cholera-epidemie uit. Als gevolg hiervan braken overal in het land onlusten uit. De centrale overheid deed nauwelijks iets ter verlichting van de nood van de bevolking. In 1848 was in Parijs de Februari-revolutie losgebarsten en in maart volgden revoluties in Wenen en Berlijn.
Onder de indruk van al deze gebeurtenissen besloot Willem II tot een grondwetsherziening, die geredigeerd werd door de liberaal Thorbecke. In de grondwet van 1848 werd de macht van de koning beperkt en die van de Staten Generaal groter. Bovendien werd door rechtstreekse verkiezingen de invloed van het volk vergroot. In 1849 overleed Willem II en werd opgevolgd door zijn zoon Willem III.
In 1852 voerde de hervormde kerk een herziening in van het reglement van 1816, waardoor de plaatselijke gemeente ruimte kreeg om te gaan functioneren als basiselement van de kerk. Toen de katholieke kerk echter óók een eigen organisatie wilde invoeren, keerden de protestanten zich hiertegen in de zogenaamde aprilbeweging. Zij hadden de koning daarbij op hun hand. Het nieuwe kon echter niet tegengehouden worden en in 1853 kreeg de organisatie van de katholieke kerk haar beslag en kreeg Utrecht een aartsbisschop. Vanaf dat moment begint de volledige emancipatie van de rooms-katholieken.
In de 2e helft van de 19e eeuw kwam de economie tot bloei, als gevolg van de ontwikkelingen in de techniek en mede dankzij de rijkdom verworven in de koloniën. Tegelijkertijd ontstond protest tegen de daar ontstane misstanden als gevolg van het cultuurstelstel dat de inlandse boeren dwong bepaalde producten te verbouwen. De roman ‘Max Havelaar’ van Multatuli (Eduard Douwes Dekker) die in 1860 verscheen, opende de ogen van velen hiervoor.
Na 1870 kwam er meer aandacht voor de economisch zwakkeren in de samenleving. Er ontstonden vakverenigingen van arbeiders. De socialistische beweging o.l.v. Domela Nieuwenhuis en Troelstra roerde zich. Katholieken, protestanten en socialisten hadden invloedrijke leiders. Schaepman van katholieke en Kuyper van protestantse zijde werkten samen in de strijd voor het bijzonder onderwijs. Het is het begin van de verzuiling die de 20e eeuw getekend heeft.
Nog heel veel meer zou er te vertellen zijn, bijv. over de ontwikkeling in de literatuur en de kunst, maar dat zou te ver voeren. Wie weet een volgende keer.
Ds. Anne-Marie van Zijverden-Poortman
Zie ook de informatie over de(vorige

Bergrede (Fra Angelico)